Vragen over uitsluiting van zuivel­ver­vangers in de 'Regeling POP 3 subsidies'


Vraag met verzoek om schriftelijk antwoord E-000966/2020
aan de Commissie
Artikel 138 van het Reglement
Anja Hazekamp

Verordening 1305/2013 van het Europees Parlement en de Raad (artikel 5) stelt dat het bevorderen van het efficiënte gebruik van hulpbronnen en steun voor de omslag naar een koolstofarme en klimaatbestendige economie in de landbouw- en voedingssector een van de prioriteiten van de Unie voor plattelandsontwikkeling is.

In de ‘Regeling POP 3 subsidies’ van onder andere de Nederlandse provincie Overijssel [1] worden initiatieven op het gebied van zuivelvervangers algeheel uitgesloten, terwijl de productie van dierlijke eiwitten veel belastender is voor het milieu dan de productie van plantaardige eiwitten.

1) Deelt u de mening dat de algehele uitsluiting van zuivelvervangers in strijd is met bovengenoemde prioriteit van de Unie en de doelstellingen van de Green Deal?

2) Op welke wijze en termijn gaat de Commissie ervoor zorgen dat de voorwaarden die landelijk en regionaal gesteld worden bij het verstrekken van EU-subsidies niet in strijd zijn met de doelstellingen van de Green Deal?

3) Hoe en wanneer gaat de Commissie in het kader van de Green Deal de transitie van dierlijk naar plantaardig eiwit stimuleren?