Vragen over de milieurisico's van kunstgrasvelden met rubbergranulaat

Vraag met verzoek om schriftelijk antwoord aan de Commissie
Artikel 130 van het Reglement
Anja Hazekamp (GUE/NGL), Bart Staes (Verts/ALE), Gerben-Jan Gerbrandy (ALDE)

Onlangs deed het Recycling Netwerk Benelux (RNB) in Nederland aangifte van milieudelicten door aanbieders en gebruikers van afgedankte autobanden in de vorm van snippers instrooirubber voor kunstgras, sportvelden en trainingsvelden.

RNB stelt dat het vaak gebruikte Styreen Butadieen Rubber (SBR) zorgt voor aanzienlijke emissies van zink naar onderliggende bodem en grondwater, van zeker 60 kilogram zink per aangelegd kunstgras-voetbalveld. De totale zinkemissie door kunstgrasvelden in Nederland, naar onderliggende bodem, grondwater en oppervlaktewater, bedraagt volgens RNB meer dan 10.000 kilogram per jaar.

1) Hoe verhouden de genoemde emissies van zink, 4-t-octylphenol, koper en PAKs, gerelateerd aan kunstgras, zich tot de doelstellingen van de Kaderrichtlijn water (2000/60/EG) om:
- Verontreiniging van grondwater en verdere verontreiniging hiervan progressief te verminderen;
- en lozingen, emissies of verliezen van prioritaire gevaarlijke stoffen stop te zetten of geleidelijk te beëindigen?

2) In hoeverre ondermijnt de aanleg van nieuwe kunstgrasvelden met SBR deze doelstellingen; worden deze doelstellingen sneller behaald door de aanleg van kunstgrasvelden te stoppen?

3) Is de Commissie op de hoogte van de genoemde milieurisico’s die de emissies met zich meebrengen en kan er door deze emissies, naast milieurisico’s ook sprake zijn van risico's voor de volksgezondheid?