Vragen over grote welzijns­ver­schillen in de kalver­sector tussen de lidstaten


Vraag met verzoek om schriftelijk antwoord aan de Commissie
Artikel 130 van het Reglement
Anja Hazekamp (GUE/NGL)

De Deense landbouwminister Jørgensen verhoogt de stierenpremies om te voorkomen dat 45 000 nuchtere kalveren naar Nederland worden geëxporteerd en gebruikt voor dit maatregelenpakket 24 miljoen euro aan Europese landbouwâ€Â en plattelandssubsidies [1]. De minister stelt dat handel vanuit dierenwelzijnsoogpunt onwenselijk is omdat het gepaard gaat met lange transporttijden en vanwege de behandeling die kalveren krijgen in Nederland. Wat is het oordeel van de Commissie over de grote welzijnsverschillen in de kalversector tussen de lidstaten?

1. Welke maatregelen gaat de Commissie nemen tegen de veel te lange transporttijden, nu blijkt dat bij gebrek aan minimumnormen de lidstaten zelf maatregelen moeten nemen om deze dieronvriendelijke praktijken aan banden te leggen?

2. Is het niet beter om de Europese regels betreffende dierenwelzijn aan te scherpen in plaats van met Europees subsidiegeld export naar minder dierenwelzijnsvriendelijke lidstaten te voorkomen?

3. In hoeverre is de Commissie het met mij eens dat productie van vlees en zuivel de meest milieu-, klimaatâ€Â en natuurschadelijke onderdelen van ons voedselpakket zijn en dat de veehouderij daarom niet gesubsidieerd zou moeten worden?


[1] Bron: http://www.boerderij.nl/Rundveehouderij/Nieuws/2014/6/Deense-minister-laakt-Nederlandse-vleeskalverhouderij-1550037W/

Antwoorddatum: 1 jan. 1970

NL

E-005715/2014

Antwoord namens de Commissie

(4.9.2014)

In Richtlijn 2008/119/EG van de Raad[1] zijn de minimumnormen ter bescherming van kalveren vastgelegd. Er mogen echter strengere nationale voorschriften worden toegepast, mits deze verenigbaar zijn met de bepalingen van het EU-Verdrag. De Commissie is zich ervan bewust dat Denemarken strengere regels betreffende het welzijn van kalveren heeft ingevoerd, bv. wat betreft het voederen.

De Commissie overweegt momenteel noch wijziging van de minimale welzijnseisen voor kalveren, noch voor het vervoer ervan. Zij richt zich veeleer op het ondersteunen van de lidstaten om de bestaande regels inzake diertransporten[2] correct te handhaven en derhalve is onlangs een proefproject[3] gestart om vast te stellen wat de beste praktijken voor diertransporten zijn, waaronder die van kalveren.

In de EU waarborgen strenge normen voor de landbouwproductie dat de gevolgen voor het milieu en het klimaat tot een minimum worden beperkt, met name via het gemeenschappelijk landbouwbeleid en landbouwsubsidies die erop gericht zijn om zowel de kwaliteit van het milieu te verbeteren en de broeikasgasemissies tot een minimum te beperken, als het concurrentievermogen van de Europese landbouw te waarborgen en de verscheidenheid in de landbouw in alle regio’s van de EU te behouden. De veehouderij wordt uitgeoefend met inachtneming van strenge duurzaamheids- en milieunormen die in de EU-wetgeving zijn vastgelegd. Volgens een studie van het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek van de Europese Commissie (Evaluation of the livestock sector's contribution to the EU greenhouse gas emissions (GGELS) in 2010) heeft de veehouderij in de EU minder gevolgen voor het milieu dan in vele andere landen.

[1] Richtlijn 2008/119/EG van de Raad tot vaststelling van minimumnormen ter bescherming van kalveren, PB L 10 van 15.1.2009, blz. 11

[2] Verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad inzake de bescherming van dieren tijdens het vervoer en daarmee samenhangende activiteiten en tot wijziging van de Richtlijnen 64/432/EEG en 93/119/EG en van Verordening (EG) nr. 1255/97, PB L 3 van 5.1.2005, blz. 1

[3] https://ec.europa.eu/jrc/en/scientific-tool/major-accident-reporting-system?search

Word lid

    Word lid Doneer